Yannick God - En wat heeft de inwoner hieraan?

Het is maandagochtend en je loopt een overleg uit. Vertwijfeld, zelfs ontdaan, maar vooral: niet wetend wat in hemelsnaam de toegevoegde waarde van het afgelopen uur was. En dat is zuur. Het is doodzonde van tijd en geld. Publiek geld, ons geld. Dat dit goed besteed moet worden, is iedereen het wel over eens, maar jezelf hier ook elke keer aan herinneren, daar zijn wij minder goed in. Daarom is het des te meer van essentieel belang om jezelf de vragen te stellen: ‘En wat heeft de inwoner hier hieraan? Kan ik dit met goed fatsoen aan de inwoner uitleggen?’.

Ik spreek inderdaad liever over inwoners. De reden dat ik spreek over inwoner, is omdat deze term eenieder includeert die in het land woont. Want daar doen wij het voor. Nationaliteit speelt hier een ondergeschikte rol aan. Juist de diversiteit maakt Nederland. Laten wij dan ook inclusief zijn in onze terminologie.

Ik ben trotse jonge ambtenaar omdat ik kan uitleggen wat wij doen en waarom wij dit doen. Ik kan aan mijn buurvrouw of goede vriend vertellen dat ik voor hén werk. Nog preciezer, dat ik ervoor zorg dat we in een snel digitaliserende wereld kunnen uitleggen waarom wij digitaliseren. Dat wij dit doen met oog voor álle inwoners.

Goed, even een korte vraag: wat hebben fraudevoorspellers, bodycams bij BOA’s of digitale  registratie van sekswerkers met elkaar gemeen? Op het eerste oog niets inderdaad, maar het  tweede oog vertelt ons dat dit digitaliseringstrajecten zijn met een ethische component. Willen wij namelijk wel fraudevoorspellers? Op basis waarvan wordt dan voorspeld? Gelijke behandeling is van belang en etnisch profileren moet hier wel worden uitgesloten. Privacy en veiligheid zijn weer waarden die bij bodycams of digitale registratie van sekswerkers spelen. 

Ik ben er trots op dat Utrecht vooroploopt in het adresseren van ethische dilemma´s door de verschillende waarden die in een digitaliseringstraject spelen in kaart te brengen. Dit doen wij samen met inwoners, Raadsleden en ambtenaren uit verschillende disciplines. Op deze manier  wordt een breed scala aan invalshoeken bekeken om te kijken of wij deze digitalisering met goed  fatsoen kunnen uitleggen aan inwoners. En juist dát zouden meer mensen moeten doen. Proactief  met goed fatsoen je eigen handelen uitleggen. Daarom betoog ik het gebruik om na álle overleggen  door letterlijk íédere ambtenaar de vraag te laten stellen: ‘En wat heeft de inwoner hieraan? Kan ik dit met goed fatsoen aan de inwoner uitleggen?’. 

Nu hoor ik je denken: ‘Dat doe ik al. Ik denk echt wel aan de inwoner in mijn werk’. Maar daar zit  nu juist het gevaar. Want hoe leg je dan uit dat toch etnisch geprofileerd wordt in de publieke  sector, zonder dat dit bij die collega’s bewust gebeurt? Dat is inderdaad lastig. Nogmaals, het  gebeurt niet bewust, maar dat maakt het juist zo risicovol. Daarom is bewustwording van dit  gevaar essentieel en stel ik voor dagelijks elke keer de twee vragen te stellen. 

Nu ben ik een trotse en jonge ambtenaar. Ik blijf dit verhaal vertellen, ik blijf de vragen stellen: ‘En wat heeft de inwoner hier hieraan? Kan ik dit met goed fatsoen aan de inwoner uitleggen?’, maar ik heb jou nodig om het verhaal te verspreiden. Nu mijn vragen aan jou: ben jij ook trots? 

Doe jij  mee?


Hey jonge ambtenaar, zet je netwerk op de kaart!

FUTUR verzamelt alle jonge ambtenarennetwerken van Nederland.
Zorg dat jouw netwerk er bij staat!